Ceský Krumlov

Český Krumlov is door de oude binnenstad en het kasteel beroemd geworden.
Om de stadskern te beschermen is deze geplaatst op de Werelderfgoedlijst van UNESCO.
De bouw van de stad en het kasteel begonnen aan het einde van de 13e eeuw bij een fort aan de Moldau.
Het grootste deel van de oude stad en het kasteel is gebouwd tussen de 14e en de 17e eeuw, vooral in Gotische, Renaissance- en Barokstijlen. Deze pittoreske stad bevindt zich in een diep, meandrisch dal van de rivier Vltava
in het zuiden van Bohemen. De tijd van de grootste bloei van de stad komt overeen met het bewind van de heren van Rožmberk (Rosenberg, 1302 – 1602). Zij hebben Český Krumlov tot hun residentiestad gemaakt. Krumlov lag toen in een plaats waar de contacten zich afspeelden tussen het Tsjechische binnenland, Oostenrijks en Beiers Donaubekken en Noord-Italië. Dit is te zien op het aanzien van de stad en het kasteel dat duidelijke trekken van de Italiaanse renaissance laat zien. Aan het einde van de 17e eeuw, onder het bewind van de Eggenbergs, is het barok theater gebouwd en is de kasteeltuin nieuw ingericht. In de tijd van de Schwarzenbergs heeft Krumlov de barokke versiering ontvangen. Český Krumlov is echter niet slechts een uitzonderlijk complex van 300 historische gebouwen. De stad stelt zich aan haar bezoekers ook voor als een cultureel, congres- en toeristisch centrum. Een internationaal muziekfestival, een festival van renaissancistische muziek, theatervoorstellingen in de kasteeltuin of de zomerse Feesten van de vijfbladerige roos vonden hier jaarlijks plaats. Een belangrijk cultureel gebeuren is ook het stichten van het Egon Schiele Centrum geweest. Český Krumlov bevindt zich ongeveer 180 km ten zuiden van Praag, in de nabijheid van de Oostenrijkse grens.
Het wordt verbonden met de belangrijke centra van het land door middel van een netwerk van lange afstand buslijnen. In de zomer bestaat er een directe sneltreinverbinding eens per dag (de sneltrein Šumava).